Cybersecurity trends in de zorgsector voor 2026

Cybersecurity trends in de zorgsector voor 2026

Een mondzorgpraktijk hoeft maar één ochtend niet bij het patiëntendossier, de röntgenbeelden of de agenda te kunnen, en de gevolgen zijn direct merkbaar. Afspraken lopen vast, behandelaren missen informatie en patiënten krijgen niet de service die zij verwachten. De cybersecurity trends in de zorgsector gaan daarom niet alleen over techniek. Ze gaan over de vraag of uw praktijk veilig en gewoon kan blijven werken.

Criminelen richten zich steeds vaker op zorgorganisaties, ook op kleinere praktijken. Daar is veel gevoelige informatie aanwezig, terwijl tijd en aandacht vooral naar patiënten gaan. Dat is begrijpelijk. Juist daarom moet beveiliging geen los project zijn dat alleen speelt na een incident, maar een vast onderdeel van goed praktijkbeheer.

Cybersecurity trends in de zorgsector: wat verandert er?

De grootste verandering is dat aanvallen gerichter en geloofwaardiger worden. Een algemene phishingmail met slechte spelling is makkelijker te herkennen dan een bericht dat lijkt te komen van een softwareleverancier, collega of patiënt. Met hulp van kunstmatige intelligentie kunnen criminelen sneller overtuigende mails, berichten en zelfs telefoongesprekken opstellen.

Voor zorgpraktijken is dat extra lastig. Medewerkers werken onder tijdsdruk en ontvangen dagelijks veel berichten over verwijzingen, declaraties, laboratoria en afspraken. Eén klik op een verkeerde link kan voldoende zijn om inloggegevens buit te maken of schadelijke software binnen te halen.

Tegelijkertijd groeit de afhankelijkheid van cloudapplicaties, online agenda's, patiëntportalen en externe koppelingen. Dat biedt veel voordelen: informatie is beter beschikbaar, thuiswerken kan veiliger worden ingericht en systemen zijn eenvoudiger schaalbaar. Maar het betekent ook dat de beveiliging niet stopt bij de server of werkplek in de praktijk. Identiteiten, toegangsrechten en instellingen worden minstens zo belangrijk.

Identiteitsbeveiliging wordt de eerste verdedigingslijn

Wachtwoorden alleen bieden onvoldoende bescherming. Wanneer een wachtwoord via een phishingmail of datalek in verkeerde handen komt, kan een aanvaller vaak direct proberen in te loggen op e-mail, Microsoft 365 of praktijksoftware. Meervoudige verificatie helpt dit risico sterk te verkleinen. Naast het wachtwoord is dan bijvoorbeeld een bevestiging via een app nodig.

De volgende stap is bewuster omgaan met rechten. Niet iedere medewerker hoeft overal bij te kunnen. Een baliemedewerker heeft andere toegang nodig dan een praktijkhouder, externe IT-partner of tijdelijke waarnemer. Door toegang per rol in te richten en vertrekkende medewerkers direct te verwijderen, beperkt u de schade als een account toch wordt misbruikt.

Dit vraagt wel om aandacht voor de praktijkvoering. Te strenge beveiliging kan frustreren als medewerkers voortdurend opnieuw moeten inloggen tijdens een drukke behandeldag. Een goede inrichting zoekt daarom naar balans: sterk beveiligen waar het moet, zonder het werk onnodig ingewikkeld te maken.

Ransomware draait steeds vaker om afpersing én datadiefstal

Ransomware versleutelt bestanden zodat organisaties niet meer kunnen werken. De actuele dreiging gaat vaak verder. Criminelen kopiëren vooraf ook gegevens en dreigen die openbaar te maken als er niet wordt betaald. Bij patiëntgegevens kan de impact groot zijn, zowel voor betrokkenen als voor het vertrouwen in uw praktijk.

Een back-up is daarom noodzakelijk, maar niet voldoende. U moet zeker weten dat de back-up niet door dezelfde aanval geraakt kan worden en dat herstel daadwerkelijk werkt. Een kopie die nooit is getest, is geen herstelplan.

Daarnaast maakt segmentatie verschil. Daarbij worden onderdelen van het netwerk van elkaar gescheiden. Als bijvoorbeeld één werkplek geïnfecteerd raakt, moet de schade niet automatisch kunnen doorslaan naar de server, medische apparatuur of alle andere pc's. Welke scheiding passend is, hangt af van de inrichting van de praktijk en de gebruikte apparatuur.

Van reageren naar aantoonbaar voorbereid zijn

Zorgorganisaties krijgen te maken met toenemende eisen rond privacy, informatiebeveiliging en aantoonbaarheid. De AVG blijft het uitgangspunt voor de verwerking van persoonsgegevens. Voor veel zorgorganisaties biedt NEN 7510 een belangrijk kader voor informatiebeveiliging. Daarnaast kan NIS2 gevolgen hebben voor organisaties die binnen de reikwijdte vallen of onderdeel zijn van een bredere zorgketen.

De praktische vraag is niet alleen: voldoen we op papier? De vraag is ook: kunnen we laten zien wie toegang heeft, hoe apparaten worden beheerd, of updates op tijd worden uitgevoerd en wat er gebeurt bij een beveiligingsincident?

Dat vraagt om overzicht. In veel praktijken zijn in de loop der jaren systemen, accounts en apparaten toegevoegd. Een oude laptop, ongebruikte mailbox of externe partij met blijvende toegang kan ongemerkt een risico vormen. Een actuele inventarisatie van apparatuur, software, accounts en leveranciers is daarom een logisch beginpunt.

Veiligheid van medische apparatuur krijgt meer aandacht

Moderne zorg- en mondzorgapparatuur is vaak verbonden met het netwerk. Denk aan röntgensystemen, scanners, camera's en gekoppelde werkstations. Die verbinding is functioneel, maar apparatuur kan soms niet zomaar worden bijgewerkt omdat software afhankelijk is van een specifieke versie of omdat een leverancier beperkingen stelt.

Hier past geen standaardantwoord. Als een apparaat niet direct kan worden geüpdatet, kan netwerksegmentatie, extra toegangsbeperking of strengere controle op de gekoppelde werkplek een passende oplossing zijn. Het doel is niet om apparatuur te blokkeren, maar om de risico's beheersbaar te houden zonder de zorgverlening te verstoren.

Leg ook duidelijke afspraken vast met leveranciers. Wie voert updates uit? Wie is verantwoordelijk bij een storing? Op welke manier krijgt een externe leverancier toegang, en wordt die toegang na afloop weer afgesloten? Zulke afspraken voorkomen onduidelijkheid op het moment dat snelheid nodig is.

Medewerkers blijven een belangrijk onderdeel van de beveiliging

Techniek vangt veel af, maar niet alles. Een medewerker die een afwijkend verzoek herkent, kan een incident voorkomen voordat het ontstaat. Korte, terugkerende instructies werken meestal beter dan één lange training per jaar. Bespreek herkenbare situaties: een verzoek om een factuurnummer te wijzigen, een urgente mail van de praktijkhouder of een telefoontje van iemand die om een code vraagt.

Maak het ook laagdrempelig om twijfel te melden. Medewerkers moeten niet bang zijn om een mail door te sturen of even te bellen. Een open meldcultuur is geen teken dat mensen fouten maken, maar dat de praktijk risico's serieus neemt.

Waar begint een praktijk die grip wil krijgen?

Begin met de processen die niet mogen uitvallen. Voor een mondzorgpraktijk zijn dat vaak het patiëntendossier, de planning, telefonie, röntgenbeelden, declaraties en internetverbinding. Bepaal vervolgens wat er gebeurt als één daarvan een paar uur of een hele dag niet beschikbaar is. Zo wordt cybersecurity concreet: niet als abstract risico, maar als bescherming van de dagelijkse zorg.

Daarna is een gerichte nulmeting verstandig. Controleer onder meer of meervoudige verificatie actief is, accounts en rechten actueel zijn, apparaten centraal worden beheerd, beveiligingsupdates tijdig worden geïnstalleerd en back-ups herstelbaar zijn. Kijk ook naar e-mailbeveiliging, netwerksegmentatie en de bereikbaarheid van leveranciers bij incidenten.

De uitkomst hoeft niet te zijn dat alles morgen vervangen moet worden. Vaak leveren kleine, goed gekozen verbeteringen snel resultaat op. Denk aan het afsluiten van oude accounts, het activeren van extra inlogbeveiliging of het testen van een herstelprocedure. Voor complexere keuzes, zoals het scheiden van medische apparatuur of het vernieuwen van verouderde systemen, is een plan met prioriteiten nodig.

Een vaste ICT-partner kan hierin regie bieden: niet alleen een incident oplossen, maar ook bewaken wat aandacht vraagt voordat het een probleem wordt. TéGéTèl combineert daarbij beheer en beveiliging met korte lijnen, zodat een praktijk weet wie er meekijkt wanneer continuïteit onder druk staat.

De beste beveiliging merkt uw team idealiter vooral doordat het werk doorgaat. Dat begint met één nuchtere vraag: als morgen een account, werkplek of applicatie uitvalt, weten we dan precies wat we moeten doen?

Terug naar blog
[nerdy-form:2522]